Over de Stichting


De Stichting Keurmerk Thuisonderwijs bestaat uit een bestuur en een raad van toezicht.

Het bestuur heeft tot taak de dagelijkse processen die verbonden zijn aan certificering te behartigen. Het bestuur stelt daartoe onder andere de eisen vast die door het keurmerk worden gesteld en de procedures die aan onderzoek en toekenning van het keurmerk zijn verbonden. Ook bevordert het bestuur de instandhouding van een groep certificeerders die het onderzoek verrichten dat nodig is in verband met de toekenning van het keurmerk. Het bestuur houdt een register bij van verleende certificaten en de geldigheidsperiode.


Bestuursleden

drs. Suzanne H. Boomsma MBA (voorzitter)
dr. Henk Blok (secretaris)
drs. Simone W. M. Zijlmans (penningmeester)
mr. Katinka Slump (gewoon lid)



De raad van toezicht controleert en adviseert het bestuur. De raad van toezicht is tevens verantwoordelijk voor de geloofwaardigheid of het civiele effect van het keurmerk. Het civiele effect houdt in dat het verleende certificaat zowel door thuisonderwijzende ouders/verzorgers als door de samenleving en overheden beschouwd wordt als een zwaarwegend testimonium of bewijs dat er sprake is van deugdelijk onderwijs.


Leden van de raad van toezicht

em. prof. dr. Sjoerd Karsten
em. prof. dr. Siebren Miedema
drs. Wim Kleijne

Suzanne Boomsma

Suzanne Boomsma heeft vanuit haar medische en bedrijfskundige achtergrond jarenlang gewerkt in het management binnen de academische gezondheidszorg. Sinds 2000 is zij programmaleider en docent postacademisch onderwijs in de zorgsector en Public Health. Zij is één van de oprichters van de Gideonsbende Jeugd, een landelijke beweging van betrokken professionals en managers die de uitvoeringspraktijk van de publieke zorg voor jeugd wil innoveren. Een van de activiteiten was het ontwikkelen van een keurmerk voor de centra voor jeugd en gezin.
Aangespoord door ervaringen met haar enige zoon (2001), die vastliep in groep 5 van zijn eerste basisschool, en de jarenlange zoektocht naar een passende plek, ontwikkelde zij samen met andere ouders een tweetal initiatieven om passend onderwijs te realiseren voor hoogbegaafde leerlingen met internaliserende problematiek. Bij Stichting AutiPassend Onderwijs Utrecht ligt de focus op preventie, bij de Coöperatie Ouderkracht voor ’t Kind ligt de focus op maatwerk in het onderwijs, met name voor die leerlingen voor wie op school geen plek is, maar die bijvoorbeeld wel thuis onderwijs kunnen volgen. Ouders hebben bij deze vorm van onderwijs een grote rol en ze vindt het belangrijk ‘dat leerlingen die thuis onderwijs krijgen, kunnen uitgaan van dezelfde kwaliteit als leerlingen die op school passend onderwijs krijgen.’

Henk Blok

Henk Blok is vanaf 1976 werkzaam geweest als onderwijsonderzoeker, het laatst bij het Kohnstamm Instituut van de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast heeft hij een tiental jaren gewerkt als leraar basisonderwijs in de gemeente Zaanstad. Zijn belangstelling voor thuisonderwijs gaat terug tot 1997, toen hij in NRC-Handelsblad een opinieartikel schreef onder de titel ‘Ouders moeten hun kind zelf les kunnen geven’. Nadien publiceerde hij regelmatig over thuisonderwijs en aanverwante zaken. Voor het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap verrichtte hij onderzoek naar de positie van jongeren die vanwege een richtingbezwaar niet naar school gingen (titel: Vervangend onderwijs aan kinderen van ouders met een richtingbezwaar, 2008 [download] en een vervolg in 2010 [download]). In 2011 publiceerde hij samen met Sjoerd Karsten een overzichtsartikel over toezicht op thuisonderwijs in Europa [download]. In 2014 nam hij het initiatief tot oprichting van de Stichting Keurmerk Thuisonderwijs.

Simone Zijlmans

Simone Zijlmans studeerde psychologie aan de UvA en is vanaf 1974 werkzaam geweest als onderwijsonderzoeker; eerst aan de VU en van 1977 tot 1980 aan het RITP in Amsterdam. Van 1980 tot 2013 was zij verbonden aan het Gemeentelijk Pedologisch Instituut in Amsterdam (GPI, tegenwoordig De Bascule). Haar werkzaamheden lagen vooral op het terrein van evaluatie- en implementatietrajecten en beleidsonderzoek ten behoeve van het speciaal onderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs en de expertisecentra. Ze vindt het belangrijk ‘dat er voor elk jongere passend onderwijs beschikbaar is. Lukt dat niet op school, dan kan thuisonderwijs een alternatief zijn.’ Ze zet zich daarom graag in voor de kwaliteit van thuisonderwijs.

Katinka Slump

Katinka Slump is onderwijsjurist. Zij heeft zich gespecialiseerd in de rechtspositie van de leerling, de student en de ouder. Zij is vele jaren werkzaam geweest als advocaat en heeft ouders bijgestaan die zeer bewust de keus maakten voor thuisonderwijs, maar ook ouders die daartoe werden gedwongen omdat scholen weigerden om hun kind onderwijs te bieden. Als adviseur van diverse organisaties breekt zij een lans voor nieuwe onderwijsvormen, al dan niet binnen de bestaande wet- en regelgeving en al dan niet (voltijds) op school. Zij bepleit onderwijsvormen waardoor jongeren met een beperking zoals autisme of jongeren met een bijzondere onderwijsbehoefte vanwege hoogbegaafdheid, beter tot bloei kunnen komen. En ze pleit voor bijzondere onderwijstrajecten – waaronder thuisonderwijs in het kader van de re-integratie van leerlingen die uitgevallen zijn, omdat zij een schoolfobie ontwikkelden vanwege bijvoorbeeld pesterijen. Het recht op onderwijs voor alle jongeren is voor haar het uitgangspunt, óók als de school voor de jongere niet de aangewezen plek is om te leren.

Sjoerd Karsten

Sjoerd Karsten werkte voor de Rijksuniversiteit Leiden en de Universiteit van Amsterdam. Aan de laatstgenoemde universiteit was hij bijzonder hoogleraar beleid en organisatie beroepsonderwijs, volwasseneneducatie en levenslang leren. In 2011 is Sjoerd Karsten verkozen tot laureaat van de Universiteit Antwerpen. In 2014 is hij met emeritaat gegaan. Hij verrichtte een groot aantal onderzoeken naar verschillende onderwerpen (o.a. sociale gelijkheid in het onderwijs, etnische segregatie en burgerschap) en heeft een vaste column in het blad DIdactief, waarbij ook filmpjes horen (zie de aflevering over thuisonderwijs).

Hij deed samen met Henk Blok verschillende onderzoeken naar thuisonderwijs. Ook publiceerde hij artikelen met Henk Blok en Michael Merry over dit onderwerp. Vanaf het begin steunt hij het initiatief tot oprichting van de Stichting Keurmerk Thuisonderwijs.

Siebren Miedema

Siebren Miedema is als emeritus hoogleraar Algemene Pedagogiek en emeritus hoogleraar Godsdienstpedagogiek verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is ook Ombudsman voor Wetenschappelijke Integriteit van die universiteit. Hij is afgestudeerd wijsgerig en historisch pedagoog en wetenschapsfilosoof en promoveerde op de theorie-praktijk relatie in de opvoedingswetenschappen. Hij was werkzaam als docent maatschappijleer in het voortgezet onderwijs, als docent opvoedkunde aan een pedagogische academie -- nu PABO geheten -- en hij was verbonden aan meerdere Nederlandse universiteiten. Vanuit het beginsel dat elk kind recht heeft op onderwijs, desgewenst ook op thuisonderwijs, vindt hij het van belang dat ook de kwaliteit van zulk onderwijs maatschappelijk gewaarborgd wordt. Om die reden heeft hij dan ook van harte ingestemd met het lidmaatschap van de Raad van Toezicht van de stichting.

Wim Kleijne

Wim Kleijne heeft een leven binnen het onderwijs achter de rug. Opgeleid tot onderwijzer diende hij het lager onderwijs gedurende enkele jaren, waarna hij overstapte naar het mulo/mavo. Daarnaast studeerde hij wiskunde en filosofie, een studie die hij afsloot met een doctoraal examen in beide vakken. Hij was leraar bij het havo/vwo, rector van een lyceum, universitair docent in Rotterdam en docent aan parttime lerarenopleidingen. Naast zijn reguliere werkzaamheden heeft hij ook vele jaren gewerkt binnen het afstandsonderwijs, waar zijn liefde en betrokkenheid ontstonden voor al die vormen van onderwijs die naast het 'gewone' onderwijs speciale groepen van leerlingen bedienen. Daartoe behoorde ook de groep jongeren die via thuisonderwijs een plek in de maatschappij probeerden te bereiken. Aan het eind van zijn loopbaan was hij (coördinerend) inspecteur van het onderwijs en daarna een negental jaren algemeen landelijk voorzitter van de staatsexamens. In deze laatste functie raakte hij sterk betrokken bij de jongeren die na thuisonderwijs gevolgd te hebben een staatsexamen aflegden. Hij was onder de indruk van de inzet en doorzetting die deze kandidaten tentoonspreidden en tot welke resultaten zij vaak wisten te komen.